Asbestonderzoek  

asbest in grond onderzoek NEN 5707  uitgevoerd conform BRL 2018

algemeen 

In het verleden (met name in de periode na 1955 tot 1990) is asbest veel gebruikt in gebouwen, waaronder woningen, maar ook in auto’s, schepen en treinen. Het materiaal is sterk, slijtvast, isolerend en goedkoop. Later werd pas bekend dat asbest gevaarlijk is voor de gezondheid. Sinds 1 juli 1993 is het verboden om asbest of producten die asbestvezels bevatten te verhandelen, toe te passen of te verwerken.

Voorafgaand aan de sloop van gebouwen is een asbestinventarisatie noodzakelijk. Tijdens deze inventarisatie wordt een te slopen gebouw geïnspecteerd door een deskundige. Alle locaties waar asbest is toegepast worden in kaart gebracht zodat de sloper deze, op een veilige manier kan verwijderen en deze gestort kunnen worden. 

Dit artikel gaat verder in op asbestonderzoek in grond. 

asbestonderzoek (asbest in grond) 

Asbest is vaak toegepast in daken van met name schuren en stallen. Deze daken kunnen na verloop van tijd gaan verweren hierdoor neemt de kans dat asbestvezels vrijkomen toe.  Maar ook door demping of ophoging van locaties, calamiteiten (zoals brand) of onzorgvuldige sloop kan asbest op of in de bodem terecht komen. 

 

Voor onderzoek naar asbest in de grond is een aparte richtlijn opgesteld, de NEN 5707 (Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond). 

 

Bestaat de laag voor meer dan 50% uit puin dan is er een andere NEN norm van toepassing, de NEN 5897 (inspectie en monsterneming van asbest in bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat). Meer weten over asbestonderzoek in puin- of funderingslagen klik op deze link. 

Hoe gaat een asbestonderzoek in zijn werk?   

Voorafgaand aan het onderzoek wordt tijdens een vooronderzoek bepaald of een locatie verdacht is op het voorkomen van asbest in de grond. Er wordt dan met name gekeken naar het gebruik van de locatie in het verleden. Zo zijn voormalige kassen, volkstuinen, stortlocaties meestal asbestverdacht. Maar komt het ook veelvuldig voor in specifieke regio’s. De regio’s rondom Harderwijk, Goor, Zaanstad zijn vaak asbestverdacht. Recent heeft Havenbedrijf Rotterdam een historisch onderzoek laten uitvoeren waaruit blijkt dat in het verleden in de Rotterdamse haven veel asbest in bulk is overgeslagen, waardoor verontreinigingen met asbest in de grond aanwezig zijn. 

 

Kortom het vaststellen of een locatie asbestverdacht is vergt specialistisch kennis en  ervaring. 

 

Vervolgens wordt op basis van het vooronderzoek een onderzoeksplan door de projectleider opgesteld. Er wordt bepaald hoeveel inspectiegaten benodigd zijn om het onderzoek uit te voeren. Het onderzoek kan vaak in combinatie met een verkennend bodemonderzoek voor bijvoorbeeld het verkrijgen van een bouwvergunning worden uitgevoerd. 

Het veldonderzoek      

Tijdens het veldonderzoek is het noodzakelijk om eerst de locatie geheel te inspecteren op verdachte plekken (maaiveldinspectie). De maaiveldinspectie wordt sterk beïnvloed door begroeiing en/of andere maaiveldinrichting (bijvoorbeeld verharde paden). 

 

Vervolgens worden er over het terrein inspectiegaten gegraven. De inspectiegaten hebben een minimale omvang van 30 cm x 30 cm en een diepte van 50 cm. Het uitgegraven materiaal wordt gezeefd over een zeef van 20 mm. Het grove materiaal (> 20 mm) wordt in het veld geïnspecteerd door de veldwerker. Indien nodig worden er materiaalmonsters geanalyseerd op het voorkomen van asbest. Van het uitgezeefde deel (< 20 mm) worden in het veld grondmonsters genomen. Deze worden naar het laboratorium verzonden en geanalyseerd op asbest. 

asbest in grondonderzoek NEN5740 BRL 2018 zeeftest
asbets in grond onderzoek NEN5707  monster emmer met  plaatmateriaal

Laboratoriumonderzoek  

In een extern laboratorium worden de (eventueel) aangeleverde materiaalmonsters onder een microscoop bekeken en wordt het type asbest en het gehalte aan asbest(vezels) bepaald. De aangeleverde grondmonsters worden gedroogd en gezeefd. Vervolgens worden deze monsters ook onder een microscoop bekeken en wordt het type asbest en het gehalte aan asbest(vezels) bepaald. 

Toetsing van de gehalten   

De resultaten uit het laboratorium worden getoetst aan de wettelijke normen. Aangezien er meerdere typen asbest zijn die ook niet allemaal even schadelijk zijn voor de mens wordt hier in de toetsing rekening mee gehouden. Het uiteindelijk toetsresultaat is een ‘gewogen gemiddelde’. Het gehalte van de meest schadelijke asbest typen (crocidoliet (blauwe asbest) en amosiet (bruine asbest) worden vermenigvuldigd met 10). Het meest toegepaste chrysotiel (witte asbest) telt éénmaal mee. 

 

Als het gehalte aan asbest hoger is dan 100 mg/kg (gewogen gemiddelde), dan is de grond verontreinigd met asbest. Ligt het asbestgehalte onder de 100 mg/kg is de grond niet met asbest verontreinigd.    

Nader asbestonderzoek 

Is na het verkennend onderzoek een verontreiniging met asbest aanwezig maar is de omvang van de verontreiniging niet volledig in kaart gebracht. Dan wordt een nader asbestonderzoek uitgevoerd. Tijdens een nader asbestonderzoek worden locaties verdeeld in ruimtelijke eenheden van maximaal 1000 m2. Er worden met behulp van een graafmachine langere sleuven gegraven (afmeting 2 m x 0,3 m en 2 m diep). Per ruimtelijke eenheid moeten 3 tot 5 sleuven worden gegraven.        

 

Wij hebben ruime ervaring met het verrichten van onderzoek naar asbest in de bodem en zijn gespecialiseerd in het combineren van diverse onderzoeksopzetten om direct een maatwerkoplossing voor uw locatie te geven. Door onze ervaring bij zowel de overheid als bij adviesbureaus en aannemers weten we precies op welke manier wij u het beste kunnen helpen.

voor het aanvragen van een offerte klik op onderstaande knop.